Home

De start

Accommodatie

Kweekduiven 2010

Vliegduiven 2010

Resultaten

Gastenboek

Kontakt

Links

De start.


De start in de duivensport te Groningen ging niet als bij zo velen van vader op zoon maar is waarschijnlijk iets wat in de genen is mee gegeven bij Arend Homan want in de familie waren geen duivenmelkers.

De besmetting van de duivenbacil kreeg vorm door jonge Hollandse Meeuwtjes die hij op 6 jarige leeftijd had gekregen van een klant van zijn vader.

In de buurt had men meer duivenliefhebbers deze mensen hebben hem de interesse in de postduivensport bij gebracht.

Mede hierdoor werd in de loop van enkele jaren de overstap naar de postduivensport gemaakt.

Zijn eerste vereniging waar hij als jeugdlid werd aan genomen was de Eendracht.

Begonnen werd met duiven gekocht op de Veemarkt en u raad het al, dit was geen succes.

Later kwamen er duiven van ene de Roos uit Uithuizen.

Deze man had een Loonbedrijf en zodoende geen tijd meer voor de duiven zodat het totale hokbestand werd gekocht.

Het soort wat werd overgenomen was Desmet Mathijs en vloog niet onverdienstelijk.

Na enkele jaren vanaf een privé tuin op Sabangplein te hebben gespeeld moest door de verkoop van het bij behorende huis naar een andere locatie worden uitgekeken.

Deze werd gevonden op de duiventuin aan het Damsterdiep waar toen ca 60 liefhebbers samen hun hobby beleefden. Hier kwam hij in contact met Cobus ( de vader van ) en Wim Clermonts waar diverse duiven van werden verkregen. Hier zaten nog de Rode Hermans duiven.

Samen reden Wim en Arend voor het eerst in 1974, als jongens van 16 en 18 jaar naar Tilburg om Nooyen duiven aan te schaffen.

Deze duiven zorgden voor een extra impuls wat betreft kopprijzen vliegen.

In 1978 werd verhuisd naar Hoogezand Sappemeer.

Het voordeel van deze verhuizing was dat de duiven eindelijk bij huis kwamen te zitten zodat de verzorging een stuk makkelijker werd. Op de duiventuin was er in die tijd geen stromend water en geen elektriciteit.


Op een hok van 5 meter kwamen de resultaten snel. In de kring en afdeling werden regelmatig kopprijzen gespeeld zowel op vitesse / midfond als op de 1 daagse vluchten.

In die tijd nog op de zuidoostlijn

Enkele wapenfeiten waren in 1980 de 10e nationaal München en in 1982 de 5e nationaal München gespeeld met de Nooyen duiven.

 

Later werd er nog een kweekhokje gemaakt op de berging, hier moest Arend op de knieën omdat de ruimte beperkt was.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In 1988 werd wederom verhuisd, deze keer was het van Sappemeer naar Helmond dit was vanwege zijn werk.

Arend melde zich in 1988 / 1989 aan bij de sterk spelende vereniging La Paloma te Helmond waar hij tot op heden nog lid van is.

Het eerste jaar in het Brabantse werden de duiven op een tuinkamer ondergebracht.

De reden hiervan was, dat er binnen afzienbare tijd nog eens verhuisd zou worden.

Toch werd er na een tijdje een tuinhok geplaatst, hierop werd door tijdgebrek en slechte ligging ( bomen rondom ) geen aansprekende resultaten behaald.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Na enige jaren werd niet alleen succesvol aan de eigen zaak verder gebouwd, maar ook aan zijn geliefde hobby de duivensport.

Mocht het door drukke werkzaamheden niet uit komen om de duiven op tijd te verzorgen, werden de honneurs waargenomen door Sjoerdje de vrouw van Arend.

 

 

 

 

 

 

 

Zij was en is zowel zakelijk als in zijn hobby zijn steun en toeverlaat die pal achter haar man staat.

Als geen ander weet zij dat Arend zijn zakelijke beslommeringen van zich af kan zetten als hij bezig is met zijn duiven.

Met liefde en toewijding start zij dan ook de verzorging als er weer eens een klus klaar moet.

Het begint dan met een telefoontje, als het duiventijd is, hoe laat kom je thuis?

Dan volgt de verzorging, het uitlaten van de duiven, krabben van de hokken, water geven en eventueel de duiven binnen roepen en voeren.

Met relatief weinig duiven 17 doffers en 17 duivinnen wordt er al ca 30 jaar dubbel weduwschap gespeeld.

Zowel de doffers als de duivinnen gaan wekelijks de mand in.

Vooraf worden de duivinnen vanuit hun afdeling los gelaten en mogen dan bij de doffers binnen lopen.

Het tonen van de duivinnen duurt ongeveer 1 uur waarna de duiven worden ingemand.

Na gelang de zwaarte van de vlucht blijven de duiven samen dit kan tot s avonds of soms tot daags na de wedvlucht zijn.

Daarna gaan ze terug naar hun eigen afdeling.

Zowel de doffers als de duivinnen trainen s avonds minimaal 1 uur, dit zonder gebruik van een vlag of ander dwangmiddel.

Duiven die gezond zijn trainen graag en gretig is de mening van Arend.

Het jonge duivenspel wordt de laatste jaren iets serieuzer aangepakt.

Er word aan winterkweek gedaan en ook verduisterd zodat de jonge duiven iets meer kans hebben de latere vluchten.

De jonge duiven worden voor de vluchten ca 8 keer op geleerd de laatste keren vanuit verschillende richtingen.

Ook werd in het verleden wel eens ingemand voor africhtingen bij andere afdelingen en Concours Combinaties om het kladvliegen te verminderen.

De jonge duiven moeten in die situatie al vroeg hun eigen plan trekken.

De hokken zijn het laatste jaar weer aangepast, was het in het verleden zo dat er mechanisch geventileerd werd.

Nu is de totale kapconstructie verhoogd en op de spanten geīsoleerd met een noppenfolie.

In de zomer van 2006 bleek dat bij extreem warm weer te veel vuile lucht in de kap bleef hangen waardoor de prestaties minder werden.

De constructie die nu aanwezig is heeft laten zien dat het mogelijk is kopprijzen te spelen en hier is het om te doen.

De laatste jaren zijn bij enkele liefhebbers duiven aan geschaft, ook hier geldt dat stilstand achteruitgang is. Het aantal kweekkoppels is uitgebreid naar 15 stuks vanwege de vraag naar Voetsduiven vanuit Duitsland.

De versterking kwam in de afgelopen jaren van Frans Manders & zn Beek en Donk, Harry Barten Beek en Donk, Gebr Gijzen st Willebrord, Flor Engels Putte, Maurice Voets Kessel en de laatste Janssen duiven die zijn aangeschaft komen van de verkoop van Jo Manders Deurne en bij Peter Janssen uit Kleve uit de Bonny en Clyde lijn.

Kampioenschappen zeggen Arend niet zoveel, topuitslagen is het waar het in huize Homan meer omgaat. Als je goed vliegt komen de kampioenschappen vanzelf.

Mooie uitslagen worden minder snel vergeten, als je liefhebbers vraagt wie het jaar ervoor bepaalde kampioenschappen behaald heeft weten ze het vaak niet meer maar als je vraagt wie bepaalde vluchten super uitslagen speelden is dit vaak nog wel bekend.


De medische begeleiding is vrij simpel en bestaat uit de verplichte paramixo enting.

Voor het seizoen wordt er mest onderzocht door Arend zelf en ook worden er enkele duiven onderzocht op het geel door een keel uitstrijkje te maken.

Als het nodig is wordt er gekuurd maar dit is vaak niet het geval.

Einde vliegseizoen of start van het nieuwe seizoen.

Als het vliegseizoen voorbij is begint Arend direct met de voorbereidingen van het daar opvolgende seizoen.

Er wordt streng op de vliegduiven geselecteerd, duiven die mogen blijven worden meteen gescheiden.

De oude doffers worden 2 dagen in hun bak opgesloten en de jonge doffers mogen een eigen bak uitzoeken.

De laatste jaren wordt eind november of begin december gekoppeld, zodra de jongen ca 16 dagen zijn gaat 1 jong met de duivin naar hun eigen afdeling het andere jong blijft bij de doffer.

Hierna worden de vliegduiven niet meer gekoppeld en vanaf de eerste wedvlucht op weduwschap gespeeld.

De reportages zijn in PDF formaat.

De reportage is in PDF formaat

klik op deze knop om verder te gaan.

CopyrightŠ 2007 Webdesign Arend Homan